Categorieën
Liedjes Muziek

Sad songs for us to bear

Zaterdag 25 september 2021 begon voor mij pas echt mijn pensioen. Alhoewel dat strikt genomen ook niet waar is; de ‘échte’ datum is 13 november 2021, maar het voelde die ochtend wel zo aan.

Geen zorgen meer, eindelijk, eindeloos genieten (sic).

Een congres
Vrijdag 24 september vond in de kleine zaal van theater De Lievekamp een congres plaats, waar ik al mee bezig was voordat ik op 1 april van dit jaar bij de samenwerkende Noord Oost Brabantse Bibliotheken (NOBB) vertrok.

In 2021 zou de Openbare Bibliotheek Oss, die sinds jaren deel uitmaakt van de NOBB, en waar ik ooit mijn carrière als bibliothecaris begon (op 1 april was dat precies veertig jaar en vier maanden geleden), haar honderdjarig bestaan vieren.

Deze Openbare Bibliotheek, op katholieke grondslag, werd in februari 1921 opgericht. Een van de oprichters was pater Titus Brandsma, die in de jaren tien en twintig van de twintigste eeuw in Oss actief was, en zich samen met andere notabelen inzette voor volksverheffing.

Volwassen gedrag
Een van mijn taken was dat congres inhoudelijk aan te sturen. Al ruim voor 24 september wist ik ongeveer waar dat congres ongeveer over zou moeten gaan (waarom volwassenen het gros van de tijd niet in staat zijn zich volwassen te gedragen, en welke rol bibliothecarissen daarin te spelen hebben), maar ik had nog geen goede titel. Wist alleen dat ik, op mijn manier, in een ander tijdsgewricht, ruim veertig jaar in zijn geest had (door)gewerkt.

Goede voorouders
De titel voor het congres diende zich op 2 januari van dit jaar aan. Op die eerste werkdag van het nieuwe jaar plaatste De Volkskrant een interview met filosoof Roman Krznaric.

Die man kende ik (als auteur van o.a. Empathie : een revolutionair boek en Carpe diem : de geschiedenis van een culturele kaping), wist sinds kort dat hij getrouwd was met Kate Raworth (de econoom en auteur van Donuteconomie : in zeven stappen naar een economie voor de 21e eeuw) en wist ook dat hij kort daarvoor een nieuw boek had geschreven: The Good Ancestor.

De Volkskrant opende het nieuwe jaar in mijn ogen bewust, én terecht, met deze man, en zijn boek: De goede voorouder : langetermijndenken voor een kortetermijn wereld.

Enkele dagen later diende de congrestitel zich aan: In de voetsporen van Titus : een goede voorouder. Vervolgens gingen er nog maanden voorbij om geschikte sprekers aan te zoeken. De bonus op de kers was natuurlijk dat Roman Krznaric online mee wilde doen. Samen met Daan Roovers, Wouter Sanderse en Gershwin Bonevacia.

En voor iedereen, met veel tijd, hieronder de opname van het congres. En klik hier voor mijn bijdrage, die middag.

Eindelijk vrij!
Vanaf zaterdag 25 september lag als het ware de wereld voor me open. Geen verplichtingen meer. Het toeval wil dat rond die tijd ook het gros van de coronamaatregelen ingetrokken waren. Waardoor je als gevaccineerde burger weer overal naar toe kon en mocht gaan. In de weken daarna trok ik er samen met Laura veelvuldig op uit. Om als het ware anderhalf jaar van vaak thuis- en stilzitten ‘goed’ te maken.

Wandelroute Ons Kloosterpad open: 'Een kans om God te ontmoeten, of een  ander of jezelf' | Foto | ed.nl
Ons Kloosterpad

Zes concerten, vier dagen vakantie in De Weerribben, vier wandel-etappes van Ons Kloosterpad, enkele films, ondertussen af en toe tennissen en een stukje omfietsen. Oh ja, en tussen de bedrijven door blijven lezen. De eeuwige kranten en tijdschriften, plus enkele boeken. En altijd, waar het kan: muziek beluisteren.

Zes concerten
De afgelopen zes weken woonde ik maar liefst zes concerten bij. Daarover gaat de rest van dit lange artikel. Ook neem ik twee cd’s mee die ik in diezelfde periode thuis grijs heb gedraaid. Muziek, die in mijn leven altijd aanwezig is. Altijd ‘op’ staat. Gedraaid wordt. Muziek, die bij mij altijd een streepje voor heeft. Vaak trieste, melancholische muziek.

Ik denk dat ik besta | scène uit Vergeten | Nederlands Kamerkoor & Arjan  Ederveen - YouTube

Een – Vergeten
Het eerste post-corona concert werd gehouden in Muziekgebouw Frits Philips in Eindhoven, in de kleine zaal. Daar trad op dinsdag 21 september het Nederlands Kamerkoor aan, met acteur Arjan Ederveen.

In de voorstelling Vergeten speelt hij een dementerende man én zijn zoon. Het Nederlands Kamerkoor zong tussen de bedrijven door muziek die daar op aan sloot. Liederen die de wanhoop en geestesgesteldheid van die dementerende man als het ware weergaven. Kort en bondig. Grote klasse.

Twee – Franz
Enkele dagen later werd in hetzelfde complex een concert gehouden dat wegens corona twee keer was uitgesteld. Maar op zondag 26 september was het eindelijk zover: Thomas Oliemans zong het hoogtepunt van de LiedKunst: (de) Winterreise van Franz Schubert. Paolo Giacometti was de pianist.

Twee jaar eerder namen beide heren voor Channel classics dit werk op. En schaarden zich daarmee in een ‘eindeloze’ rij die dit meesterwerk ook hebben opgenomen, en uitgevoerd. Klik hier voor een lang artikel, waarin ik Winterreise als het ware meeneem en eer betoon aan Martin van Amerongen.

Na afloop kocht ik de nieuwste cd van Thomas Oliemans: Formidable! Hoe opmerkelijk! Een cd met Franse chansons. Die uitkwam in dezelfde maand waarin Matthijs van Nieuwkerk vier weken lang op tv een warm pleidooi hield voor Franse liedjes, zangers en zangeressen. Samen met Rob Kemps. Chansons!, een feelgood programma dat veel kijkers met plezier bekeken. Dat zagen ook de verantwoordelijken in Hilversum en omgeving: volgend jaar komt er een tweede reeks.

Thomas Oliemans zingt op zijn cd verschillende songs (sorry: chansons) die ook bij Matthijs en Rob voorbij kwamen. Op woensdag 8 december staat Thomas Oliemans met Formidable! en het Amsterdam Sinfonietta in de concertzaal van Schouwburg in Tilburg.

Ik vermoed dat Thomas op zeker moment ook te gast zal zijn bij een ander programma van hem: Matthijs gaat door.

Troubadours - Nederlands Blazers Ensemble

Drie – Troubadours
Zondag 17 oktober zag ik voor de tweede keer het Nederlands Blazers ensemble. Ik heb achteraf spijt dat ik niet veel eerder de moeite nam om concerten van dit zeer bijzondere gezelschap bij te wonen.

De eerste keer was in 2020, kort voordat Nederland in lockdown ging. Dat concert werd toevallig ook in Theater het Speelhuis in Helmond gehouden. Die avond stond Charlie Chaplin centraal. Op een groot doek werden fragmenten uit zijn films vertoond en het Nederlands Blazers ensemble speelde daarbij muziek.

Nu, ruim twee jaar later, waren ze terug met een ander programma: Troubadours, met vier tokkeltalenten (ud, luit, flamenco- en bluesgitaar). Vier jonge snaarvirtuozen speelden met de blazers liedjes van onder andere John Dowland, en uit Spanje en de Arabische wereld.

Ik constateer dat ze de komende maanden andere projecten hebben die nieuwsgierig maken: hun versie van de Matthaus Passion van Johann Sebastian Bach en (de) Vier letzte Lieder van Richard Strauss.

Nynke Laverman - Plant

Vier – Nynke
Het concert dat de meeste indruk maakte werd op vrijdag 22 oktober in Rosmalen gehouden, in een zaal waar ik nog nooit was geweest: Perron-3. Daar trad die avond Nynke Laverman aan, met haar partner Sytze Pruiksma.

Enkele dagen voordat het bibliotheekcongres in Oss werd gehouden, ontdekte ik dat er een nieuwe cd van Nynke Laverman was verschenen: Plant. Beter: ik vernam via Twitter dat zij een jaar lang bezig was geweest met een project dat uiteindelijk resulteerde in de cd Plant.

Sinds het begin van de corona nam ze maandelijks voor die nieuwe cd een nummer op. Vervolgens zocht ze iemand die iets over de inhoud van dat nieuwe nummer kon vertellen; denk aan Eva Rovers, Damiaan Denys, Anuna De Wever, André Kuipers of Marleen Stikker. Die interviewde ze samen met Lex Bohlmeijer en maakte van dat gesprek een podcast. Die op haar website werden geplaatst.

Enkele dagen voor het congres  In de voetsporen van Titus : een goede voorouder ontdekte ik een van die nieuwe songs: Your Ancestor. Jouw voorouder. Waarin zij zich als vroeg eenentwintigste eeuwse vrouw verontschuldigt voor wat wij als mens(heid) verkeerd hebben gedaan. Of nagelaten. Zodanig verkeerd dat onze nakomelingen (in de tweeëntwintigste of drieëntwintigste eeuw) met de spreekwoordelijke gebakken peren zitten: een schier onbewoonbare wereld hebben wij aan hen nagelaten.

Dat liedje trok natuurlijk mijn aandacht omdat het naadloos aansloot bij de teneur van het congres. Hoe kunnen we volwassenen bewegen zich iets-je vaker of meer als goede voorouders – of: volwassen volwassenen – te gaan gedragen. Antwoord: verleid hen zich iets-je vaker – of meer – als een goede voorouder te (gaan) gedragen!

Belangrijk is om op te merken dat Nynke Laverman Your Ancestor al in september van 2020 opnam, ruim voordat Roman Krznaric met zijn boek over die goede voorouder kwam.

Op 17 februari van dit jaar spraken Nynke en Lex met Roman over haar liedje en hoe je als een goede voorouder te (gaan) gedragen.

Nynke Laverman - Plant | Eigentijds | Written in Music

Op vrijdag 22 oktober bracht Nynke integraal dat nieuwe album – Plant – in Rosmalen ten gehore. Maar het was niet zomaar een concert. Het woord muziektheater dekt beter de lading. Met relatief eenvoudige middelen (enkele doorzichtige lappen stof, veel bewegende beelden, en enkele kleine rekwisieten en kledingstukken) maakte ze er met haar partner een overweldigende ervaring van. Een avond waarop een encore niet nodig is. Sterker: afbreuk zou doen aan wat we hadden gezien. Deze recensie (van Kester Freriks) pakt goed samen waarom het zo goed was.

Aan het eind van de avond kwam ze als het ware los van haar plaat en hield een toespraak die ze wat mij betreft op zondag 6 november ook in Amsterdam zou moeten houden; tijdens de landelijke klimaatmars.

Op dinsdag 17 november zal trouwens Roman Krznaric aanwezig zijn in de Sint Jan in Den Bosch. Uitgenodigd voor de door de Bossche Openbare Bibliotheek geïnitieerde Shifttalks. Een moment om hem live te ontmoeten. Kathedraaldenken in … een échte kathedraal.

Diana Jones & Simon Kempston • De Maandag van Van Meurs | Meneer Frits,  Eindhoven, NB | October 25, 2021
Diana Jones en Simon Kempston

Vijf – Diana
Drie dagen later – maandag 25 oktober – woonde ik sinds lange tijd weer een concert bij uit de ‘oneindige’ reeks concerten die in het café van Muziekgebouw Frits Philips in Eindhoven op de maandagavond worden gehouden.

Ankie Keultjes –  zangeres, geluidsvrouw en echtgenote van Ad van Meurs, de te vroeg overleden initiator van deze reeks – kondigde tegen negen uur twee artiesten aan tijdens de 452e (of daaromtrent) editie: Simon Kempston én Diana Jones.

Ik kwam voor Diana Jones, had haar daar jaren geleden ook al eens gezien, en ‘moest’ het voorprogramma als het ware ‘ondergaan’. Later aanschuiven kan natuurlijk, maar dan heb je geen goede zitplaats.

Simon Kempston kende ik niet. Had er nooit van gehoord. Een Schot, die daar zeer bewust voor uit kwam. Een goede gitarist, met – hoe zal ik het zeggen – te veel té voor de hand liggende teksten. Simon Kempston maakte evenals Diana Jones duidelijk dat hij over veel maatschappelijke ontwikkelingen niet bepaald gelukkig is. Kempston zette zich nadrukkelijk af tegen Brexit, dé Engelsen en Boris Johnson, de huidige prime minister en hoe een hele cohort politici en leidinggevenden er op tal van terreinen een potje van maken.

De ‘fout’ die Simon Kempston volgens mij in zijn teksten maakt is dat zijn afkeer er veel té dik, té evident bovenop ligt.

Diana Jones zit wat mij betreft in een heel andere league. Zij ‘begrijpt’ als grote kunstenaar dat je maatschappelijk onrecht niet bestrijdt door grote woorden te gebruiken, de high and mighty te beschuldigen van ‘evil’ doen en laten (zoals Simon Kempston doet om Boris neer te zetten), maar door in te zoomen op ‘kleine’, vervelende dingen uit het leven van normale burgers. Door mensen te beschrijven waarmee je je als ‘eenvoudig’, ‘normaal’ burger kunt meeleven, meevoelen.

Diana Jones zong in het haar toe bemeten uurtje vooral liedjes van haar laatste cd: Song to a refugee. Die verscheen midden in de corona-pandemie, en groeide wat mij betreft uit tot een van de beste albums van 2020. En overtrof daarmee haar voorganger: Museum of Appalachian recordings met daarop twee prijsnummers: Ohio en Gold Mine.

Het hoogtepunt van de ‘vluchtingencd’ voerde ze ook uit: Santiago. Én We Believe in You, Ask a Woman, El Chaparral.

Anne Sofie von Otter & Kristian Bezuidenhout | Muziekgebouw Eindhoven |  Muziekgebouw Eindhoven

Zes – Anne Sofie
Het zesde concert werd gisteren – woensdag 27 oktober – wederom in Eindhoven gehouden, in de kleine zaal van Muziekgebouw Frits Philips. De grootste naam van de zes. Een internationale ster, die ik al jaren ken en volg: mezzosopraan Anne Sofie von Otter. Uit Zweden.

Ook haar zag ik jaren geleden al eens in het ‘oude’ Vredenburg in Utrecht; in de grote zaal. Toen. Nu stond ze samen met de Zuid-Afrikaanse pianist Kristian Bezuidenhout in de kleine zaal. Met een Lieder programma. Aangekondigd waren liederen van Franz Schubert, Robert Schumann en enkele Zweedse componisten. Deze avond bleek dat het vooral Schubert was, aangevuld met enkele liedjes van Zweedse componisten én Mozart. Tussendoor speelde begeleider Kristian Bezuidenhout solo enkele ‘instrumentals’, waarvan Moment musicaux, nummer 2 van Franz Schubert me vooral beviel.

De meeste indruk maakte Anne Sofie von Otter met haar versie van Der Doppelgänger. Een Lied uit de cyclus Schwanengesang van Franz Schubert, dat ze nog niet eerder opnam. Ze nam uit die reeks wel de ‘classic’ Ständchen op; een favoriet nummer dat ze deze avond ook in Eindhoven zong.

Leise flehen meine Lieder
durch die Nacht zu dir

In 1997 en 2003 verschenen op Deutsche Grammophon twee albums van haar met vertolkingen van Lieder van Franz Schubert. Begeleid door Bengt Forsberg en Claudio Abbado.

Der Doppelgänger maakte deze avond de meeste indruk om de verbetenheid waarmee ze enkele regels uit dit gedicht van Heinrich Heine als het ware uitstootte.

Die verbetenheid begreep ik, omdat ik kort daarvoor (als fan, veel te laat) had ontdekt wat haar in maart 2018 was overkomen: haar echtgenoot Benny had zelfmoord gepleegd. Ik kwam daar achter toen ik kort voor het concert nog even haar lemma op Wikipedia bekeek (om te checken wanneer precies ze in 1955 – mijn geboortejaar – ook al weer was geboren).

Onder het kopje Privé stond:

Von Otter was getrouwd met Benny Fredriksson tot zijn zelfdoding op 17 maart 2018, als gevolg van beschuldiging van grensoverschrijdend gedrag jegens vrouwelijke medewerkers. Deze aantijgingen werden na onderzoek later volledig ontkracht.

Ik kon begrijpen dat zij nog steeds boos was op ‘de wereld’ die haar man tot zelfmoord had gedreven. In Der Doppelgänger (een soort geest, die spookt nadat hij deze wereld heeft verlaten) komen regels voor waarin Anne Sofie zich zonder enige twijfel kan herkennen en die wellicht de verbetenheid verklaren waarmee zij die – volgens mij – als het ware uitzong:

Still ist die Nacht, es ruhen die Gassen (de nacht is stil, de straten zijn tot rust gekomen)
In diesem hause wohnte mein Schatz (in dit huis woonde mijn schat)
Sie hat schon längst die Stadt verlassen (zij heeft al lange tijd geleden de stad verlaten)

Ik voelde bijna hoorbaar haar ‘verlangen’ om in plaats van Sie Er (hij) te zingen. Maar Anne Sofie weet haar plek. Ze is een uitvoerder, die respect heeft voor kunstenaars die nóg groter zijn.

Doch steht noch das Haus auf demselben Platz (Maar het bewuste huis staat er nog steeds)

Ogenschijnlijk is alles bij het oude gebleven. Maar:

Da steht auch ein Mensch und starrt in die Höhe (Er staat een man, die omhoog kijkt)
Und ringt die Hände, vor Schmerzens Gewalt (Wringt zich de handen, in doodsangst)
Mir graust es, wenn ich sein Anlitz sehe (Ik huiver wanneer ik zijn aangezicht zie)
Der Mond zeigt mir meine eigne Gestalt (De maan laat me mijn eigen gezicht zien)

Vervolgens gaat het lied-je een andere kant op, weg van Anne Sofie en haar privé besognes. In het gedicht ziet een man zichzelf, zijn Doppelgänger. Heine en Schubert leefden en werkten in de ‘romantische’ tijd.

Anne Sofie bracht na het slotapplaus nog wel een encore. Een Lied van Schubert. Ik had liever April After All van haar gehoord. Een klassiek liedje van Ron Sexsmith dat ze in 2001 opnam voor haar plaat met Elvis Costello: For the stars. Maar je kunt niet alles hebben.

Zes concerten
Terugkijkend maakte het concert van Nynke Laverman de meeste indruk. Bevestigde Thomas Oliemans voor zover nodig de grootsheid van (de) Winterreise. Toonden zowel het Nederlands Kamerkoor én het Nederlands Blazersensemble aan hoe verrassend zij voor de dag kunnen komen. En toonde Diana Jones ongewild aan hoe écht grootse nummers moeten zijn: maak van ‘kleine’ gebeurtenissen, en gevoelens songs die elk mens kan aanvoelen. Als het ware vertalen naar zijn of haar eigen leven. Anders gezegd: empathie, beter: compassie  voor volwassenen.

Tot slot: twee cd’s
En altijd blijf ik thuis cd’s opzetten, of, vooruit, de laatste jaren, iets afspelen via een streamingdienst (Qobuz). Het is een mix van nieuwe albums (ik draai zelden losse nummers), en oude classics; of platen die zich om wat voor reden dan ook (weer) aandienen. En door de jaren heen komen er altijd ook nieuwe namen bij, van wie ik meer wil weten, horen.

Ketil Bjørnstad

Ketil
In het voorjaar van 2018 ontdekte ik, midden in een grote verbouwing, een Noorse pianist.: Ketil Bjørnstad. Een naam die ik vaag kende, maar waar ik nog ooit iets van had gehoord. Had wel een vaag idee. Iets new age-achtigs, flauwe jazz-klanken. Hij zat op ECM. Maar in het voorjaar van 2018 werd ik door die verbouwing volledig teruggeworpen op een laptop én Qobuz. En moest toegeven dat mijn vooroordelen nergens op sloegen.

Maandenlang kon ik dat voorjaar geen cd’s draaien. Het hele huis stond op z’n kop. Gelukkig was het een prachtig voorjaar; wat het primitieve leven (want we hadden ook geen keuken) makkelijker maakte. In die tijd begon ik willekeurig albums op Qobuz aan te klikken en via mijn Chromebook af te spelen.

Ik viel als een blok voor het album A passion for John Donne. Een album dat in 2014 op ECM verscheen. Kort daarna kwam een nieuwe cd van Ketil uit, ook op ECM: A suite of poems. Beide platen heb ik dat jaar feitelijk bijna dagelijks ‘opgezet’.

Ik schreef er eerder over: The first taste of death (augustus 2018). Nam het mee voor mijn vraag voor de Veghelse quiz.

Beeld van John Donne in St. Paul’s cathedral

Sindsdien ben ik een Ketil-aficionada geworden en heb veel albums aangeschaft, dan wel beluisterd. Om redenen die ik zelf niet goed begrijp heb ik een plaat die ik al in augustus 2018 aanschafte een beetje laten liggen. Pas sinds deze zomer heb ik The light (uit 2008, ook op ECM verschenen) écht leren kennen en waarderen. Achteraf raar, want dit meesterwerk is een typische Ketil Bjørnstad-plaat.

Opmerkelijk is hoe vaak hij samenwerkt met vrouwen. Die hoogwaardige teksten (noem het gedichten) vertolken. Teksten zingen waarvoor hij de muziek heeft geschreven; en als pianist meespeelt.

Dat procedé gaat op voor A suite of poems (met Anneli Drecker), en in wezen ook voor A passion for John Donne (alhoewel je op dit album een gemengd koor hoort). Maar ook voor The nest (Anneli Drecker, uit 2003), Hun som kjenner tristheten ved ting (Eva Bjerga Haugen, uit 2018, vertaling: She who knows the sadness of things).

Allemaal albums waarop vrouwen de door Ketil Bjørnstad geschreven, dan wel gevonden teksten zingen. Op The personal gallery gebeurt iets dergelijks, alleen wordt er niet gezongen maar neemt violist Guro Kleven Hagen die zangerige rol over. Ik schreef eerder over dit album: A personal gallery (december 2020).

The Light, Ketil Bjornstad | CD (album) | Muziek | bol.com

Hoe dan ook. Dit jaar leerde ik The light pas écht kennen. Dit album uit 2008 is een mix van vrouwenstem, aangevuld met een tweede stem; hier: een altviool. De zangeres is de Noorse Randi Stene, en ene Lars Anders Tomter bespeelt de altviool. Ketil bespeelt natuurlijk, zoals altijd, de piano.

En ook op dit album staan gedichten centraal. Twee cycli. De eerste vier gedichten zijn door Ketil zelf geschreven; ze hebben als overkoepelende titel Fire Nordiske Sanger (Four Nordic Songs). Ketil is voor alle duidelijk een multitalent: pianist, componist, dichter en romanschrijver.

De laatste elf songs hebben als overkoepelende titel The light gekregen, en zijn allemaal geschreven door John Donne, de priester-dichter uit Engeland (1572-1631).

In het boekje kun je lezen dat de eigenaar van ECM, de fameuze Manfred Eicher, op zeker moment opmerkte dat beide cycli in elkaars verlengde liggen (qua sfeer, tekst) en daarom prima op een cd samengebracht konden worden. Het waren volgens hem Songs of love and fear. Tja, bullseye.

Opmerkelijk is dat Ketil Bjørnstad al in 2008 gedichten van John Donne op muziek zette. Hij heeft iets met deze man. Zes jaar later deed hij dat nog een keer. Hij schreef koormuziek die op A passion for John Donne terecht kwam.

A Hymn To God The Father

Het meest opmerkelijke is dat hij al in 2008 A nocturnal upon St. Lucy’s day op muziek zette; en datzelfde gedicht zes jaar later voor koor bewerkte. Ik vond dat toen het hoogtepunt van die cd. Ook de versie op The light mag er zijn (waarmee weer eens bewezen wordt dat je de versie die je het eerst van een mooi nummer hoort, altijd het mooist blijft vinden). Maar The light bevat andere hoogtepunten, vooral het slotnummer (A hymn to God the Father) is onuitsprekelijk mooi en groots. Laatste regel van de plaat:

I fear no more.

Sad songs for us to bear
Jaren geleden schreef Serge van Duijnhoven, die totdat hij ging studeren in Oss woonde, een roman waarin hij op zeker moment een hilarische avond beschreef waar hij Gerrit Komrij opvoert. Serge was in die tijd een jongeman die van dansen hield; die avond vroeg hij Gerrit waarom hij niet gezellig meedeed. Waarop hij de legendarische zin uitsprak: Dichters dansen niet! Zo heet ook de gelijknamige roman uit 1995.

Een zin waar ik volledig achter sta; en een korte samenvatting is van waarom ik (vooral) van treurige, melancholische muziek houd. Die up tempo (dans)songs zijn soms best aardig, maar échte muziek is – wat mij betreft – traag, treurig, melancholisch. Én bevat altijd (enkele) memorabele regels. U had het waarschijnlijk – na alle bovenstaande regels – al in de gaten.

Nieuwe cd Sunshine Cleaners: 'Heb je naasten lief' - Omroep Zeeland

Voor mijn verjaardag kreeg ik dit jaar zoals altijd van een vriend een cd die ik nog niet kende. Ook dit jaar weer. Dit keer van een Nederlandse groep, (de) Sunshine cleaners.

Hun tweede cd: Sad songs for us to bear. Een titel die alles wat ik hierboven heb gezegd kort én poëtisch samenpakt. Wij, eenvoudige mensen, staat ons niets anders te doen dan deze liedjes te (leren) verdragen. Gelukkig is dat geen straf. Sterker, het is een plaat die – gelukkig – diep gaat. Teksten over serieuze, zeer vervelende onderwerpen. Waarvoor we ons als mens(heid) móeten schamen. Denk aan Song to a refugee van Diana Jones.

De Sunshine cleaners is een band die uit drie personen bestaat. Zanger en gitarist Sjef Hermans, zangeres Jacqueline Heijmans en dobro/mandolinespeler Geert de Heer. Afkomstig uit de provincie Zeeland.

Sjef Hermans schrijft bijna alle songs. Jacqueline zingt de meeste songs. Op elk van de drie tot nu toe verschenen albums staan vertalingen, dan wel bewerkingen van nummers van anderen, dan wel afkomstig uit het publieke domein.

Voor elk album heeft de groep een overkoepelend thema bedacht. Op hun tweede album – Sad songs for us to bear – zijn dat: liedjes over gewone mensen die onder ongewone omstandigheden tot bijzondere dingen in staat zijn. Wow!

Denk aan Etty Hillesum, Charlotte Salomon, Amnon en Avshalom Weinstein, Esther Bejarano, Blaze Foley, Witold Pilecki, Blind Willie Johnson, Dietrich Bonhoeffer en (Little girl in a big bad world) Greta Thunberg.

In het tijdschrift Folkforum (nummer 120) stond een interview met Sjef Hermans. Daarin zegt hij:

Sinds het project over Dietrich Bonhoeffer, dat resulteerde in ons eerste album ‘Silent Voices’, zijn we ons bezig (gaan) houden met de vraag: waren er in het verleden meer gewone mensen die onder bijzondere omstandigheden tot buitengewone zaken in staat waren? En hoe zit vandaag de dag? Zo kwamen we uit bij bekende namen als Etty Hillesum en kunstenares Charlotte Salomon. Maar ook bij Esther Bejarano, de vrouw die Auschwitz overleefde door in het vrouwenorkest te gaan spelen en er sindsdien een levenstaak van heeft gemaakt om jongeren te waarschuwen voor de gevolgen van anti-semitisme en onderdrukking in het algemeen. En natuurlijk Witold Pilecki, een Pool die vrijwillig naar Auschwitz ging om vandaar uit de wereld te waarschuwen voor de gruwelen die daar plaats vonden. Maar ook bij hedendaagse mensen die het verschil maken. Greta Thunberg natuurlijk …

Allemaal mensen die ergens voor stonden/staan. Ze werden in hun tijd als het ware getest, en bleven staan voor hun overtuigingen. Zelfs als dat tot hun voortijdige dood leidde. Allen morele leiders.

Op Silent voices, hun eerste album, staat de Duitse theoloog Dietrich Bonhoeffer centraal. Hij verzette zich zeer actief tegen het nazi-regime. Werd in 1943 wegens hoogverraad tot de dood veroordeeld, maar dat vonnis werd pas enkele weken voor de bevrijding voltrokken. Tijdens zijn gevangenschap schreef hij talloze brieven die nu nog steeds beroemd zijn. Op zijn manier was hij een soort Titus Brandsma.

Dit voorjaar verscheen hun derde cd: Seven acts of mercy. Waar de zeven werken van barmhartigheid centraal staan. Dat zijn: voed de hongerige, geef de dorstige te drinken, kleed de naakte, geef de vreemde onderdak, verzorg de zieke, bezoek de gevangene en begraaf de dode.

Tja, daar sta je dan
Als volwassene, die zich vaker als een goede voorouder zou moeten gaan gedragen. Die zeven werken van barmhartigheid zijn een goede leidraad. Maar … helaas pindakaas … voor de meeste volwassenen, inclusief mijzelf, schier onhaalbaar.

Maar gelukkig zijn er altijd gidsen die ons daarbij kunnen helpen. Ons bij de les proberen te houden. Ons op onze verantwoordelijkheid voor het lot van anderen en de wereld attent blijven maken. Vaak pain in the ass-volk, maar o zo nodig.

En nog gelukkiger is er altijd (!) mooie, troostrijke, melancholische, dan wel treurige muziek. Die ons helpt onze last te dragen.

(donderdag 28 oktober 2021)

Één reactie op “Sad songs for us to bear”

Geweldig artikel! Met weer veel interessante informatie! Ga het doorsturen aan onze oudste zoon die ook een verfent muziekliefhebber is.

Geef een reactie