Categorieën
De latten verleggen

Lezing Marcel van Herpen

Op zondagmiddag 18 januari 2009 verzorgt Marcel van Herpen (1967, Heeswijk-Dinther), projectleider van het expertisecentrum voor Duurzaam Opvoeden en Ontwikkelen en van het expertisecentrum voor ErvaringsGericht Onderwijs Nederland in de Groene Engel in Oss de vierde lezing in het kader van het thema De latten verleggen.

Hij zal in zijn lezing benadrukken dat duurzaam opvoeden en ontwikkelen (DuOO) een benadering is die de kwaliteit van interacties verhoogt ten gunste van ontwikkelingen die de mens en de mensheid bestemd maken om ‘langer mee te gaan’.

De lezing richt zich op iedereen die zich bezig houdt met onderwijs, welzijn, buurtwerk, bedrijfsleven, politie en justitie.  De titel van zijn lezing is De latten verleggen door duurzaam opvoeden en ontwikkelen

In zijn (2e) boek staat onderstaande brief die op een andere, meer poëtische manier aangeeft waar  Marcel van Herpen het in zijn lezing over zal hebben.

Beste kinderen,Leef, speel, geniet! De wereld is van jullie, van jou. Zorg goed voor jezelf, de ander en de hele wereld. Bedenk dat jij jezelf en de wereld mooier kunt maken door de talenten die je hebt, te ontdekken en in te zetten. Bedenk ook, dat er een generatie na jou komt die dat ook weer wil en vergeet niet dat er een generatie voor je was die de mogelijkheden die je nu hebt voor jou hebben blootgelegd. Je zult het zelf moeten doen, maar nooit zonder anderen. Maak vrienden. Leer jezelf en zoveel mogelijk anderen kennen, waardoor de wereld door jou zichzelf zal gaan begrijpen.Leef ze!M.v.H.

De uitnodiging

Op 22 mei werd onderstaande brief verstuurd naar Marcel van Herpen

Geachte meneer van Herpen,

In deze brief wil ik u uitnodigen om in Oss een lezing te geven in het kader van een reeks die geafficheerd wordt onder de noemer De latten verleggen. Voordat ik concreet aan u wil voorleggen waarover de lezing wat mij betreft zou moeten gaan wil ik vermelden dat een collega van de bibliotheek in Heesch, me op u attent heeft gemaakt. ()

Voor de Osse Openbare Bibliotheek organiseer ik samen met collega’s lezingen over de meest uiteenlopende onderwerpen. Op zondag 20 april heeft Mondo Leone (het alias van Leon Giesen) in de Groene engel in Oss de vierde reeks Blikopener speciaal lezingen afgesloten. Het thema van die reeks was Onmetelijke kwaliteit. Voor het seizoen 2008-2009 is het overkoepelende thema De latten verleggen.

Deze lezingenreeks wordt sinds 2004 in de Groene engel in Oss gehouden. Een vijftal vooraanstaande sprekers belicht elk vanuit hun eigen achtergrond een bepaald maatschappelijk thema. Het Brabants Dagblad ondersteunt de reeks door van tevoren een interview te plaatsen. Dit seizoen waren Arnold Heertje, Jaap Dirkmaat, Willem Hoogendijk, Herman de Regt en Richard Engelfriet te gast.

Ze spraken over onmetelijke kwaliteit. Daarmee bedoel ik het fenomeen dat velen naar een hoger kwaliteitsniveau zeggen te streven. De meest uiteenlopende manieren bedenken om die kwaliteit te kunnen meten, te managen, te sturen, maar de conclusie is vaak dat uiteindelijk kwaliteit als een bij-effect ontstaat. Of ietwat romantisch gezegd: je ervaart kwaliteit als het er is, maar het is moeilijk te omschrijven wat het is. Hoe het gemaakt zou kunnen worden (vrij naar Robert M. Pirsig).

Dit onderwerp borduurt voort op het thema uit het derde seizoen, de ontnuchteringsjaren.
Dat zijn de jaren waarin we in Nederland (en het Westen) tot de ietwat ontnuchterende conclusie (moeten) komen dat veel zaken in dit land niet goed zijn geregeld. Denk aan de staat van het onderwijs, het klimaat, de economie, de manier waarop bedrijven worden gerund enzovoorts. In die jaren zitten we nog steeds. Vandaar dit jaar het thema onmetelijke kwaliteit én volgend seizoen De latten verleggen.

Want er moeten de nodige latten verlegd worden. Maar verleggen is niet genoeg. Ze moeten wat mij betreft ook op een iets hoger niveau gelegd worden.

Op onze website isinmiddels een dossier-“tje” aangemaakt over dit thema.

In zijn programma Graag gedaan meneer van Merwijk zingt cabaretier Jeroen van Merwijk het liedje De latten liggen laag. Een liedje dat volgens criticus Henk van Gelder (NRC Handelsblad van vrijdag 7 maart 2008) een cultuurpessimistische kijk is op het huidige niveau van onderwijs, politiek en andere richtinggevende sectoren in dit land. Deze observaties worden door velen gedeeld. Naast het feit dat de latten, de niveaus waarnaar we zouden moeten streven, té laag liggen speelt het feit dat de latten moeten worden verlegd.De komende tientallen jaren zullen we wereldwijd een antwoord dienen te vinden op het afsmelten van de poolkappen, het verdwijnen van de gletsjers, kortom het veranderende klimaat. Onze (ecologische) voetafdruk moet m.n. in het Westen beduidend kleiner worden.We zullen tevens een antwoord dienen te vinden op de opkomende economische grootmachten (China, India, Latijns-Amerika en zelfs Afrika), die ons de komende decennia in gaan halen. In zijn algemeenheid kan gezegd worden dat we in het welvarende Westen alleen kunnen overleven als we de kwaliteitskaart uitspelen. Dat betekent wel dat enkele latten écht verlegd moeten worden. De latten verleggen betekent: het niveau moet hoger én we moeten ons aanpassen om te kunnen overleven.

Hoogstwaarschijnlijk voelt u al aan waar ik naar toe wil. Ik zou het bijzonder op prijs stellen indien u een van de zondagmiddaglezingen voor uw rekening zou willen nemen. By the way, ik zag gisteren een kop in De Volkskrant die aansluit bij bovenstaande gedachte. Een quote van de hoogste inspecteur onderwijs, Annette Roeters: School moet niet stoppen bij een zesje. In die gedachtegang kan ik me wel vinden, maar vind het niet terecht dat de schuld alleen bij de school wordt gelegd. Kinderen, ouders en burgers zijn vaak ook met het zes-min-virus behept. De latten moeten door iedereen verlegd worden.

Uit alles wat ik over u en uw organisatie lees meen ik op te maken dat u iets met dit thema heeft (sic).

Duurzaam opvoeden en ontwikkelen

In het najaar van 2008 kwam bij uitgeverij Garant het boek Duurzaam opvoeden en ontwikkelen van Marcel van Herpen uit. Een prachtig vormgegeven gebonden boek van 245 pagina’s. In 2005 verscheen ErvaringsGericht Onderwijs; van oriëntatie tot implementatie. In dit eerste boek richtte hij zich vooral op onderwijsgevenden. Zijn tweede boek is bedoeld voor een veel bredere groep mensen die bezig zijn met opvoeden en ontwikkelen van kinderen en jongeren. In beide boeken staat het zogenaamde ervaringsgerichte onderwijs centraal. 

In zijn tweede boek staan de volgende aannames:

Duurzaam opvoeden en ontwikkelen heeft verwantschap met Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. MVO is een wijze van besturen en uitvoeren, waarbij de bedrijfsvoering als geheel in kwaliteit verbetert en de kosten dalen. De organisatie spant zich enerzijds in om misstanden, milieuschade en onwettig handelen te voorkomen en anderzijds doet zij haar best haar processen samen met haar stakeholders continue te verbeteren. Daarnaast vraagt MVO aandacht voor de 3 P’s: People, Planet, Profit. In dit boek worden drie ontwikkelingen verantwoord:

1. Ecologisch verantwoord ontwikkelen (om zicht te krijgen op de ‘planet’

2. Maatschappelijk verantwoord ontwikkelen (om ‘profit’ niet louter te formuleren als winst)

3. Persoonlijk verantwoord ontwikkelen (Om ‘people’ handvatten te geven om zelf de motor te zijn van constructieve processen)

Deze aannames, zeg maar uitgangspunten, zullen door andere sprekers binnen de reeks De latten leggen min of meer worden onderschreven. Het is wel de vraag hoe het uitgangspunt van Marcel van Herpen zich verhoudt tot de conclusies van de onderzoekscommissie Dijsselbloem naar de staat van het onderwijs (rampzalig; kinderen moeten vooral weer leren lezen en schrijven). Of de stellingname van de vereniging Beter Onderwijs Nederland. Of anderen die kritische kanttekeningen plaatsen bij ervaringsgericht onderwijs. Marcel van Herpen betrekt in zijn boek (en werk) de stelling dat het geen zin heeft te polariseren. Hij is op zoek naar the  best of both worlds.

Om een beeld te krijgen van zijn boek staan hieronder de hoofdstuktitels:

Duurzaam opvoeden en ontwikkelen   
        Met een goed kompas over de onderwijsoceaan 
Ecologisch verantwoord ontwikkelen 
        Perspectivistisch verbinden 
 Maatschappelijk verantwoord ontwikkelen 
        Authentiek leiderschap 
 Persoonlijk verantwoord ontwikkelen 
        Van wantrouwen naar vertrouwen 
        Niet nieuw óf traditioneel leren 
        Een perspectief voor allochtone jongeren: de Antilliaanse context 
        Een perspectief voor depressieve jongeren: de Japanse context 
        Een perspectief voor delinquente jongeren: de Indiase context 
        Brieven 

Marcel van Herpen

Marcel van Herpen (1967) is geboren en getogen in Heeswijk-Dinther. In zijn HAVO-klas op de middelbare school in Veghel (het Zwijssen college) zaten o.a. Anky van Grunsven (uit Erp) en Theo Maassen (uit Zijtaart). Op de HAVO zat ik in de klas met Anky van Grunsven en Theo Maassen. Anky deed iets met paarden en Theo was grappig. Maar zogezegd: iedereen had wel iets.

Hij is anno 2008 projectleider van het expertisecentrum voor Duurzaam Opvoeden en Ontwikkelen – www.duoo.org en van het expertisecentrum voor ErvaringsGericht Onderwijs Nederland – www.ervaringsgerichtonderwijs.nl

Hij geeft (inter)nationale lezingen en workshops en begeleidt scholings- en implementatietrajecten in VVE (Voor- en Vroegschoolse Educatie), Primair Onderwijs, Voorgezet Onderwijs en Hoger Beroeps Onderwijs. Hij is medeoprichter van basisschool Uilenspiegel in Boekel (Noord Brabant) – www.uilenspiegel.nl  – de eerste basisschool voor ErvaringsGericht onderwijs in Nederland (1990). Hij is medeoprichter en medewerker van het NIVOZ in Driebergen, het Nederlands instituut voor onderwijs en opvoedingszaken o.l.v. professor Luc Stevens – www.nivoz.nl

Hij is medeoprichter en actief bestuurslid van de Stichting E.G.O. St. Maarten, een stichting die onderwijsverbetering op scholen en verbondenheid tussen school- en thuissituaties op de Antillen bevordert.

Marcel van Herpen is eindredacteur van het onderwijstijdschrift Egoscoop en de site www.ervaringsgerichtonderwijs.nl

In 2005 verscheen zijn boek ErvaringsGericht onderwijs : van oriëntatie tot implementatie (Garant).

In zijn vrije tijd is hij betrokken bij de Bernhezer kunstkring die in zijn woonplaats (de gemeente Bernheze) culturele activiteiten organiseert. Hij heeft verder een roman geschreven (Ontfutseling, 2000), een gedichtenbundel (Nachtelijke poëzie in een overvolle badkamer, 1990) en een informatief boek over de geschiedenis van de gemeente Bernheze (Oog in oog, 2003).

Kinderen in het onderwijs moet je blijven uitdagen
Marcel van Herpen is de eerste om toe te geven dat hij niets nieuws vertelt. Natuurlijk ontwikkelen kinderen zich op school het beste als een leerkracht aandacht heeft voor hun welbevinden en betrokkenheid bij de leerstof.

Als een kind zich veilig en prettig voelt en geraakt wordt door een onderwerp, leert het uit zichzelf. Maar dan komt de vraag: als iedereen dat zo goed weet, waarom komt er dan op veel scholen weinig van terecht? Waarom ontwikkelen kinderen zich minder goed dan we op basis van hun talenten zouden mogen verwachten? Waarom is bijvoorbeeld de uitval van leerlingen op het vmbo zo hoog?

Onderwijskundige Marcel van Herpen uit Heeswijk-Dinther wil het zondag tijdens zijn Blikopenerlezing in Oss vooral hebben over ‘duurzaam opvoeden en ontwikkelen’. Hij wijdde een boek aan dit onderwerp, dat hem al veel jaren fascineert. In 1990 bracht hij zijn vernieuwende ideeën al in de praktijk door oprichting van basisschool Uilenspiegel in Boekel, de eerste voor ErvaringsGericht Onderwijs (E.G.O.). Het concept slaat steeds meer aan en krijgt op steeds meer plaatsen navolging, vertelt hij. “In Nederland zijn zo’n honderd EGO-scholen en we zijn al in zo’n 30 landen actief.”

De EGO-scholen breken met de traditionele opvatting dat het onderwijs vooral neerkomt op ‘kennisoverdracht door bevoegde leerkrachten’. Die visie berust namelijk op een grote misvatting, legt Van Herpen uit. “Kinderen leren heel veel van mensen die juist nìet bevoegd zijn, hun ouders, de buren, iedereen in hun omgeving. Bovendien kàn een leerkracht zijn kennis niet overdragen op een leerling. Hij weet immers nooit hoe zijn informatie bij een kind binnenkomt. Kinderen leren iets uit zichzelf, maar niet zonder anderen. Een leerkracht kan daarin helpen en begeleiden.”

De cruciale factor is het welbevinden en de betrokkenheid van kinderen. Dat vergt volgens Van Herpen een stimulerende rol van authentieke en inlevende leerkrachten, opdat kinderen ten volle de ruimte krijgen om zich te ontwikkelen en hun talenten te ontplooien. In het traditionele onderwijs gaat het al op jonge leeftijd verkeerd, constateert hij. “Kinderen krijgen vooral te horen wat ze nog niet kunnen en worden daar voortdurend op afgerekend”, zegt hij. “Ze worden buitengesloten, bijvoorbeeld doordat ze in een zwakkere groep worden geplaatst, een onvoldoende krijgen of blijven zitten. Dan is het snel gedaan met hun eigenwaarde en motivatie.”

Hij pleit voor een andere benadering. “Als je kinderen niet vraagt wat ze nog niet weten, maar ze vooral vraagt wat ze al wèl kunnen en weten, dan wordt het een stuk interessanter. Dat zie je al bij peuters. Zij vinden zichzelf geniaal en laten je de hele dag zien wat ze al kunnen. Als je kinderen laat doen waar ze goed in zijn, geef je hun creativiteit meer ruimte en ontwikkelen ze zich veel beter.”

Daaruit mogen we volgens Van Herpen zeker niet opmaken dat het vrijheid en blijheid troef is op de vernieuwingsscholen. “Absoluut niet”, benadrukt hij. “Bij ons moet ieder kind de hele dag laten zien wat hij kan en moet hij al zijn talenten benutten. De gemiddelde maatstaf telt bij ons niet. We dagen kinderen voortdurend uit, ook in vakken waar ze minder goed in zijn, omdat we willen dat ze zich maximaal ontwikkelen.” “Er loopt geen kind rond dat niet het maximale uit zichzelf wil halen”, zegt hij. ,,Hoe komt het dan dat zoveel kinderen onderpresteren? Kinderen gaan zich gedragen volgens de verwachting die hun wordt opgelegd. Als iemand niet goed kan rekenen en in een groepje met zwakke leerlingen wordt geplaatst, zal hij zich als zwakke leerling opstellen. Als een kind als adhd’er wordt aangesproken, zal hij zich als zodanig gedragen. Ik durf te stellen dat adhd voor een groot deel interactiebepaald is. Er lijkt geen kruid gewassen tegen ons diagnostische systeem, waarin kinderen in hokjes worden verdeeld. We benaderen kinderen volgens de norm, waarbij er altijd iets mis met hen is. Jantje kan niet goed rekenen of is slecht in muziek. Je zegt van je buurman toch ook niet: hij is aardig, maar kan helaas niet goed tennissen? Da’s toch niet belangrijk?”

Duurzaam opvoeden mag niet beperkt blijven tot het onderwijs, aldus Van Herpen.

De benadering moet navolging krijgen in het buurtwerk, bedrijfsleven, politie en justitie, want helpt ‘ter voorkoming van uitval, desinteresse en delinquentie’. Als voorbeeld noemt hij een voetbalclub. ,,De honderden mensen die daar actief zijn, dragen er wel aan bij hoe het gemeenschapsleven in een dorp zich ontwikkelt. Ook daar is een pedagogisch klimaat.” Van Herpen ziet duurzame ontwikkeling als een voorwaarde om de grote crisesvraagstukken het hoofd te bieden. “De wereldproblemen zijn te groot om door te schuiven naar een volgende generatie. We zullen ze samen met de jeugd moeten aanpakken. Daarom is een goede pedagogische benadering zo belangrijk.”

Brabants Dagblad van vrijdag 16 januari 2009
Auteur: Twan van Lierop

(maandag 15 september 2008)

Homepage De latten verleggen

Door Hans van Duijnhoven

Bibliothecaris sinds september 1979. Werkzaam in de regio Noord Oost Brabant.

Geef een reactie