Categorieën
Bibliotheek Geschiedenis Ontnuchteringsjaren

Ontnuchteringsjaren – Maarten van Rossem

Maarten van Rossem behoeft weinig introductie. Als historicus die zich vooral richt op de geschiedenis van de Verenigde Staten wordt hij vaak gevraagd om zijn mening over actuele onderwerpen te geven.

Hij behoort tot een select clubje Nederlanders die nuchter door het leven gaan. Andere woorden die worden gebezigd om hem te kenschetsen zijn laconiek, ironisch, cynisch, onbescheiden, recht voor zijn raap, ad rem enzovoorts.

Maarten van Rossem heeft de uitdaging aanvaardt om in de vierde lezing nader in te gaan op het thema van de reeks. Als historicus zal hij ongetwijfeld ingaan op het verleden maar de titel van zijn lezing is bewust ‘Ontnuchteringsjaren in de 21e eeuw. In zijn lezing zal hij ongetwijfeld ook ingaan op politieke en maatschappelijke ontwikkelingen, verschijnselen en hypes die ons land en het Westen de laatste jaren bezig hebben gehouden en nog steeds houden.

C.V.
Maarten van Rossem werd geboren in 1943 en studeerde geschiedenis in Utrecht. Daarna was hij verbonden aan het ‘Institut für Europäische Geschichte’ in Mainz. In 1971 werd hij wetenschappelijk medewerker bij het ‘Instituut voor Geschiedenis’ van Universiteit Utrecht. Van Rossem promoveerde in 1983 op het proefschrift Het radicale temperament : de dubbele politieke bekering van een generatie Amerikaanse intellectuelen (1934-1953). Hij werd in november 1997 benoemd tot Bijzonder Hoogleraar met als leeropdracht “de Nederlandse cultuur in internationale context”. Hij geeft regelmatig commentaar op politieke en culturele kwesties voor radio en televisie.
 
Van Rossem biedt geen zonnige kijk op de wereld, maar moet ook niets hebben van modieus cultuurpessimisme. Heeft geschiedenis nut? is een bundeling van essays, columns en voordrachten, die nu eens niet over Amerika gaan. Hier komen de Eerste Wereldoorlog, de Tweede Wereldoorlog en de holocaust compact en inzichtelijk aan bod. Uit de stukken over bijvoorbeeld Fortuyn, Pieter Saenredam en reality-tv blijkt bovendien dat geen individu en geen cultuur zonder historisch besef kan bestaan.
 
Van Rossem heeft voordien veel over Amerika geschreven. Een keuze uit deze stukken werd gebundeld in Amerika voor en tegen. Van Rossem schrijft helder en ironisch in een populairwetenschappelijke stijl over de Amerikaanse cultuur en politiek. Hij geeft vlijmscherpe typeringen van de Amerikaanse presidenten. De nasleep van 9/11 komt aan bod en de vraag waarom zoveel mensen een haat/liefde-verhouding hebben met dit machtigste land van de wereld.  
 
In 2004 ontving Maarten van Rossem de Eureka-prijs voor zijn gehele oeuvre. In datzelfde jaar schreef hij het boek ter gelegenheid van de Week van de Geschiedenis, Typisch Nederland.
 
In november 2005 verschijnt bij de nieuwe uitgeverij Nieuw Amsterdam De wereld volgens Maarten van Rossem, waarin hij kritisch afstand neemt van de nationale depressie die Nederland lijkt te zijn aangepraat. Is het wel zo beroerd gesteld met Nederland als veel intellectuelen en opinieleiders beweren?

Van Rossem betoogt realistisch dat al die somberheid niet terecht is. In het essay Typisch Nederland dat in deze bundel is opgenomen, laat Van Rossem zien dat Nederland in vergelijkend perspectief misschien niet het beste land ter wereld is, maar wel met de beste landen mee kan komen. Teneinde ons kleine leed maximaal te relativeren schrijft hij in dit boek ook over de aard en structuur van de wereldgeschiedenis, een onderwerp dat de laatste jaren steeds meer in de mode is geraakt. Daarmee contrasteert het opstel over zijn eigen ‘leesgeschiedenis’, die begint met Suizebol en Bijdepink en eindigt met de Bekentenissen van Zeno). Hij besluit met een beschouwing over de komende honderd jaar, waarin duidelijk wordt dat pessimisme even onzinnig is als optimisme.
 
Eureka-prijs
In 2004 ontving hij de Eureka-prijs in de categorie beste persoonlijke presentatie. De Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek reikt jaarlijkse diverse Eurekaprijzen uit aan wetenschappers die zich op bepaalde terreinen verdienstelijk hebben gemaakt. De jury beoordeelt de kandidaten op onderstaande criteria:

  • toegankelijkheid voor een niet ingewijd publiek
  • gehalte aan informatie
  • wetenschappelijke juistheid
  • mate waarin het werk inzicht geeft in het wetenschappelijke proces
  • originaliteit
  • actualiteit en last but not least
  • stijl en
  • presentatie

De toelichting van de jury is als volgt:

Het is een man, die voldoet aan de eerdergenoemde criteria omdat zijn grote kracht ligt in het populariseren van wetenschap en omdat hij dat al vele, vele jaren met een tomeloze energie, met verve, met vuur en met zichtbare overtuiging en vreugde doet.

Hij schreef zes boeken, honderden columns en hij verwierf de status van Bekende Nederlander door zijn optreden in zo’n 250 televisie- en radio – programma’s.

Hij is een voortreffelijk schrijver, maar een haast nog beter verteller die noch provocatie, noch gekanker schuwt en die als geen ander oog heeft voor triviale details, waardoor een betoog van hem altijd prikkelend blijft.
Als deskundoloog is hij door zijn kernachtige en laconieke spreekstijl de tegenpool van Dr. Klavan, de TV- creatie van Kees van Kooten. Hij pretendeert niet gelijk te hebben. Hij geeft zijn mening graag voor een andere, maar die moet dan wel beter zijn.

In tegenstelling tot veel andere deskundigen doet hij zijn werk in de media er niet even bij. Nee, het populariseren van wetenschap is voor hem een volledige betrekking.

Sinds 1977 is hij bijzonder hoogleraar en amerikanist aan de Universiteit van Utrecht. Door het Historisch Nieuwsblad werd hij in 2003 gekozen tot “Historicus van het Jaar” omdat hij “Nederlanders met veel humor historisch verantwoord door dit nare oorlogsjaar geloodst heeft.” Van zijn immer heldere, relativerende en met grote kennis van zaken geschreven boeken zijn “Heeft geschiedenis nut”, een bundel beschouwingen over zeer uiteenlopende onderwerpen en “Amerika. Voor en tegen” de meest recente en meest bekende.

Als ik zeg dat hij een dwarsligger is, maar wel een hele boeiende en altijd in het zwart gekleed gaat, weet u inmiddels zeker over wie ik het heb.

De winnaar van de Eurekaprijs 2004, de NWO oeuvreprijs is Maarten van Rossem.

Maarten van Rossem – Citaten en verwijzingen naar andere websites

Van Rossem heeft de maatschappelijke ontwikkelingen van de afgelopen jaren met lede ogen aangezien. “Die onvrede over de politiek was er altijd al, dat heeft weinig te maken met luisteren naar de kiezers.” De beroepsrelativist ergert zich dood aan de hetze die ontstond na de moord op Theo van Gogh. Het migratievraagstuk wordt in zijn optiek onterecht gekoppeld aan het islamitisch terrorisme. “De aanslag was meer een kwestie van een gestoorde geest”, beweert de historicus. “In de media wordt keer op keer genoemd dat er één miljoen moslims onder ons zijn. Worden die gezamenlijk aangestuurd of zo? Krijgen ze op een gegeven moment van hoger hand een teken het kromzwaard uit de kast te halen, aan te scherpen om vervolgens ons allen de strot door te snijden? Is dat een waarschijnlijk scenario?” Volgens Van Rossem zijn de allochtonen van nu de rooms-katholieken van de jaren vijftig. “De gereformeerden kregen destijds opeens een ongekende voortplantingsdrift, zodat verhinderd kon worden dat de rooms-katholieken de meerderheid zouden vormen. Ja, want dan waren de rapen gaar. Als zij de macht zouden grijpen waren processies door de straten aan de orde van dag. De paus zou hier de dienst uit maken.

U staat te boek als de cynische, relativerende Amerika-commentator.
“Cynisch ben ik niet. Wel realist. Relativerend, graag. Als iets ontbreekt in het medialandschap, is het relativering, langere blik, afstandelijke analyse. We zien een aanhoudende cyclus van hysterie die over alle mogelijke onderwerpen losbarst.”
 
U wordt wel gezien als ongeïnteresseerd: bij Van Rossem is het altijd: ‘Ach wat, gelul’.
“Ik blijk alleen achteraf steeds gelijk te krijgen. Of het de dood is van lady Di, de paus, prins Bernhard, de opwinding over het moslimgevaar, de gevolgen van nine eleven: steeds ontstaat een wekenlange toestand van totale opwinding waarbij het allemaal nóg vreselijker en ontzettender is dan ooit iets in het verleden, het einde der tijden is nabij. Allemaal beschamend, wezenloos geklets. In een iets ruimer perspectief zie je de dingen heel anders.”
 
Wat doet er dan wel toe?
“De dingen van het dagelijks leven. Kinderen, werk. Het uitkomen van de krokus is belangrijker dan de vraag of de aarde over een miljard jaar zo zal opwarmen dat we verzengen. Dan zíjn we er namelijk niet meer. Terwijl de krokus dit jaar rijkelijk laat is. Het is de koudste maart sinds Sint Juttemis. We kunnen nog wel wat opwarming gebruiken.”
 
Destijds noemde u de rampzalige effecten van een zo doorgroeiende economie.
“Die kunnen we nog wel bijsturen. Maar kijk eens tweehonderd jaar terug? Toen kwamen we net uit de middeleeuwen. Kennelijk hebben we het nodig overal verschrikkelijke bedreigingen te zien. Zo zie ik de Nederlandse economie niet instorten door de opkomst van China. De groei daar is een stimulans, al worden er nu geen spaarlampen meer gemaakt in Terneuzen.”

Maarten van Rossem is zondagmiddag 21 januari de 3e spreker in de Blikopener Speciaal serie  “Ontnuchteringsjaren”, georganiseerd door de Basisbibliotheek Maasland, Brabants Dagblad en Groene Engel. De lezing vindt plaats in de Groene Engel, van twee tot vier uur. Kaarten zijn verkrijgbaar bij Groene Engel, boekhandel Derijks en alle vestigingen van de Basisbibliotheek Maasland.

Van Rossem studeerde geschiedenis in Utrecht. Hij promoveerde in 1983 en werd in 1997 benoemd tot Bijzonder Hoogleraar. Hij schrijft artikelen en columns en geeft regelmatig commentaar op politieke en culturele kwesties voor radio en televisie.
In 2004 ontving hij de Eureka-prijs voor zijn gehele oeuvre. In datzelfde jaar schreef hij het boek ter gelegenheid van de Week van de Geschiedenis, Typisch Nederland.
 
Hij dankt zijn bekendheid aan zijn kenmerkende Maarten van Rossemhouding: ironisch, welbespraakt, nooit verlegen om een mening en vooral nuchter. Zo was hij een van de weinigen die bij de aanslag van 9/11 aangaf niet echt geschokt te zijn. Hij geloofde ook niet dat het einde van de wereld nabij was, zoals een aantal commentatoren toen wereldkundig maakten.

Maarten van Rossem heeft de uitdaging aanvaard om in de derde lezing nader in te gaan op het thema van de reeks. Als historicus zal hij ongetwijfeld spreken over het  verleden maar de titel van zijn lezing is bewust ‘Ontnuchteringsjaren in de 21e eeuw’. In zijn lezing zal hij daarom met name ook ingaan op politieke en maatschappelijke ontwikkelingen, verschijnselen en hypes die ons land en het Westen de laatste jaren bezig hebben gehouden en nog steeds houden.

Van Rossem biedt geen zonnige kijk op de wereld, maar moet ook niets hebben van modieus cultuurpessimisme. Hij betrekt de stelling dat het niet zinvol is optimistisch noch pessimistisch over de wereld te zijn.

Maarten van Rossem houdt van gezond verstand

In een land in verwarring is Maarten van Rossem een baken van nuchterheid. ,,Het idee dat de integratie is mislukt, de opwinding over het terroristische gevaar, het is allemaal volkomen onzinnig.”

Bij vrijwel elke lezing van Maarten van Rossem staat er wel iemand in de zaal op om het hart te luchten over de deplorabele toestand waarin Nederland verzeild is geraakt. Op zo’n moment wordt het pas echt leuk voor Van Rossem. „Als ik zo’n verontwaardigde vragensteller, die trouwens vaak tot het welvarende deel van de natie behoort, vraag of hij dat kan staven met wat feiten, blijft het stil. Dan begin ik te vertellen dat je met cijfers kunt aantonen, dat Nederland een van de rijkste landen ter wereld is. Het is vreemd dat er zo veel onbehagen is, terwijl er alle reden is om tevreden te zijn.“

Hoogleraar en publicist Maarten van Rossem houdt zondag de Blikopener-lezing in de Groene Engel in Oss. Hij wil het thema Ontnuchteringsjaren vooral aangrijpen om in te gaan op de verwarring die er volgens hem in Nederland heerst. „Wat ik daar ga uitleggen, is dat er geen enkele reden is voor die verwarring“, zegt hij.

Puinhopen
Volgens Van Rossem hebben veel mensen hun verstand kwijtgeraakt onder invloed van Pim Fortuyn. „Ze hebben zich op stang laten jagen door zijn verkiezingsretoriek over de puinhopen van paars. Wat een populistische overdrijving! Het ene moment is Nederland met zijn poldermodel nog het lichtend voorbeeld in de wereld, het volgende moment deugt er niets meer aan het land. Het idee dat de integratie is mislukt, de opwinding over het terroristische gevaar, het is allemaal volkomen onzinnig.“

„Later is dat nog aangescherpt door het kabinet Balkenende, dat verkondigde dat Nederland er slecht aan toe was. Volstrekte onzin! In de jaren negentig kende ons land zijn snelste welvaartsgroei. In vergelijking met andere landen zijn veel dingen hier goed geregeld, we doen het in allerlei opzichten juist heel goed. We hebben problemen met immigranten, maar laten we die problemen vooral niet groter maken dan ze zijn. Nederland heeft geen Vlaams Blok en hier hebben zich geen rellen voorgedaan zoals in Parijs. Dat we ons zo’n zorgen maken over dingen die helemaal niet zo ernstig zijn, dát is pas zorgelijk.“

Tegen alle verdrukking in blijft Van Rossem onvermoeibaar pleiten voor nuchterheid en relativering. Dat kwam hem vijf jaar geleden na de aanslagen in New York zelfs op een boycot als tv-commentator te staan. „Ik kreeg op tv de vraag voorgelegd: vindt u ook niet, meneer Van Rossem, dat de Derde Wereldoorlog begonnen is. Toen ik antwoordde dat ik dat helemaal niet vond, waren ze zeer verontwaardigd.“

„Achteraf heb ik het grootste gelijk gekregen. ‘Nederland is in oorlog!’ Ik hoor het Wim Kok nog zeggen. Nou, ik heb van die oorlog weinig gemerkt. Natuurlijk waren de 3000 doden in New York een drama, maar er was geen enkele reden voor een oorlog tegen het terrorisme. We hebben sindsdien twee grote aanslagen gehad, in Madrid en Londen, maar verder is het opmerkelijk rustig gebleven.“

Van Rossem vindt de strijd tegen het terrorisme in Nederland bijna lachwekkend. „Als zo’n opgewonden adolescent als Samir A. hier staatsvijand nummer één is, dan loopt het naar mijn idee wel los in Nederland. De reactie tegen de vermeende terreurdreiging is compleet over the top. Het centraal station in Utrecht is al drie keer ontruimd omdat er ergens een kartonnen doos of een tas stond. Dan komt het treinverkeer in bijna het hele land stil te liggen. Dat is toch te gek voor woorden. Ik zou zeggen: laat nou gewoon een conducteur even in die tas kijken in plaats van zo paniekerig te doen.“

„De angst voor terreur is schromelijk overdreven. De kans om de kanjer in de postcodeloterij te winnen is groter dan de kans om slachtoffer te worden van een aanslag. Van een keukentrapje vallen of onvoorzichtig zijn met de barbecue, dat zijn pas echte risico’s. Dat is wat Balkenende ons op de tv had moeten vertellen: hoe onvoorstelbaar klein de kans is op terroristisch geweld.“

Ook de media, en vooral te televisie, laten zich volgens Van Rossem leiden door de waan van de dag. „Als je eindeloos de beelden blijft herhalen van vliegtuigen die in de Twin Towers vliegen, hoe kunnen mensen dan ooit toekomen aan reflectie? De meningsvorming wordt sterk beïnvloed door de televisie. Een voorbeeld daarvan was onlangs te zien toen een jongetje op een school in Hoogerheide was vermoord door een psychopaat. Zoiets is natuurlijk verschrikkelijk, maar waarom moet dat dagenlang nationaal nieuws zijn? Hoe erg een moord ook is, het is absurd om van zo’n incident een nationale ramp te maken. Is het de bedoeling dat iedereen gaat denken: oh, oh, waar moet het toch heen met de wereld? Als ik al die opwinding zie, dan denk ik: is er nou niemand die zijn gezond verstand gebruikt? Het gekke is ook nog dat het aantal moorden flink gedaald is. Dat is pas echt groot nieuws, maar daar hoor je niemand over of het wordt weggepropt op een binnenpagina.“

Van Rossem heeft niet de illusie dat hij met zijn lezingen het tij nog kan keren. „Die zendingsdrang zit er bij mij niet in. Als mensen na afloop iets minder in verwarring zijn, dan ben ik al dik tevreden.“

De feiten
Maarten van Rossem (1943) is bijzonder hoogleraar geschiedenis in Utrecht. Zijn leeropdracht is ‘De Nederlandse cultuur in internationale context’.

Daarnaast schrijft hij columns en boeken, en geeft hij regelmatig commentaar op het nieuws op radio en tv.

Boektitels van Van Rossem zijn onder andere De wereld volgens Maarten van Rossem (2005), Heeft geschiedenis nut? (2003) en Amerika voor en tegen (2003).

Van Rossem houdt zondag om 14.00 uur de Blikopenerlezing in De Groene Engel aan de Kruisstraat in Oss. De lezingenserie is georganiseerd door Basisbibliotheek Maasland en het Brabants Dagblad.

Artikel: Maarten van Rossem houdt van gezond  verstand
Bron: Brabants Dagblad van zaterdag 20 januari 2007
Auteur: Twan van Lierop

(maandag 18 december 2006)

Homepage Ontnuchteringsjaren

Door Hans van Duijnhoven

Bibliothecaris sinds september 1979. Werkzaam in de regio Noord Oost Brabant.

Geef een reactie