Categorieën
De latten verleggen

Joep Dohmen over de latten verleggen

Op zondagmiddag 15 maart 2009 verzorgt filosoof Joep Dohmen (1949)  de zesde en laatste lezing in het kader van het thema De latten verleggen.

De latten verleggen - Yes, we can! - Noord Oost Brabantse Bibliotheken

Hij zal vooral ingaan op de “geesteshouding” om in het welvarende Westen een stapje terug te kunnen zetten. Een stapje terugdoen om (paradoxaal) te kunnen groeien. Onze ecologische voetafdruk moet flink naar beneden worden bijgesteld (om het klimaat te ontzien én anderen, uit een oogpunt van rechtvaardigheid, in derde wereldlanden te laten groeien). Op weg naar een samenleving waarin burgers minder status ontlenen aan het bezit van allerlei goederen of het consumeren van uiteenlopende, grondstoffen verslindende diensten. Op weg naar een samenleving waarin burgers meer bezig zijn met het consumeren van culturele zaken, een positieve bijdrage leveren aan het gemeenschapsgevoel, zich meer manifesteren als burger enzovoorts. Een duurzamere samenleving met meer kwaliteit. De titel van zijn lezing is: De latten verleggen en een nieuwe levenskunst

De uitnodiging

Eind maart 2008 werd onderstaande brief verstuurd naar Joep Dohmen

Geachte meneer Dohmen,
 
In april 2007 heb ik een vergeefse poging gedaan u over te halen om een lezing in Oss te verzorgen. U gaf op 27 april 2007 in een mailtje aan dat u voor 2008 “vol” zat. In deze brief wil ik u nogmaals vragen of u bereid bent een lezing te verzorgen in Oss. Uw lezing zal net zoals in het seizoen 2007-2008 deel uitmaken van een reeks. De titel voor de reeks die binnenkort wordt afgesloten is Onmetelijke kwaliteit. De titel voor de reeks die dit najaar start is De latten verleggen.
 
Ik kan een lang betoog afsteken over de achtergrond van beide titels en van de titel van de reeks daarvoor (Ontnuchteringsjaren) maar dat zal ik niet doen.
 
Kern van de reeks is dat ik een vijftal sprekers zoek die vanuit verschillende achtergronden iets zinnigs over dit thema kunnen of willen zeggen. Ik acht u daar alleszins toe in staat. 
 
Wat mij betreft gaat u vooral in op de “geesteshouding” die we in het welvarende Westen moeten (gaan) innemen om een stapje terug te kunnen doen. Een stapje terugdoen om (paradoxaal) te kunnen groeien. Onze ecologische voetafdruk moet flink naar beneden worden bijgesteld (om het klimaat te ontzien én anderen, uit een oogpunt van rechtvaardigheid, in derde wereldlanden te laten groeien). Op weg naar een samenleving waarin burgers minder status ontlenen aan het bezit van allerlei goederen of het consumeren van uiteenlopende, grondstoffen verslindende diensten. Op weg naar een samenleving waarin burgers meer bezig zijn met het consumeren van culturele zaken, gemeenschapsgevoel e.d. “Op weg naar een paradijs op aarde” merkte hij ironisch op.!
 
De lezingen worden op de derde zondagmiddag van de maand gehouden in De Groene engel in Oss. Tijdstip: 14.00-16.00 uur. Het Brabants Dagblad ondersteunt de reeks door van tevoren een interview te plaatsen met de spreker.
 
Tijdens een zondagmiddaglezing spreekt de spreker circa een uur. Daarna is er geen pauze en wordt meteen overgegaan met vragen stellen en debat. Om vier uur sluiten we af. In het inpandige café speelt vanaf vier uur een jazzbandje. 
 
Graag verneem ik van u of u bereid bent op mijn uitnodiging in te gaan. En of u uit de voeten kunt met het thema en wat uw honorarium is.
 
Ik hoop dat u begrijpt dat ik het bijzonder op prijs zou stellen indien u naar Oss zou willen komen. U past perfect in het rijtje sprekers die de afgelopen vijf jaar op een zondagmiddag in Oss hun woordje hebben gedaan.
 

Kort daarna zegde Joep Dohmen toe om in maart 2009 naar Oss te komen.

Het eten en de moraal
Toen de titel voor de reeks lezingen in het seizoen 2008-2009 in maart 2008 was vastgesteld zaten we met z’n allen nog midden in de periode van dure olie, grondstoffen en voedsel. En er was wat gedoe met sub prime hypotheken in de Verenigde Staten; maar dat was een ver van ons bed-show.

Toch waren die verschijnselen voor enkelen redenen om de latten te gaan verleggen. Toen daarbovenop kort na de zomer ook nog de zogenaamde kredietcrisis losbarstte waren er al snel enkele vooraanstaande personen die in de media spraken van een “een geluk bij een ongeluk”. De eerste Nederlander die zich in het openbaar in deze zin uitsprak was Herman Wijffels. Werkzaam bij de Wereldbank in New York, informateur van het huidige kabinet Balkenende en CDA-politicus/denker.

Vier weken later verscheen in De Volkskrant een verslag van twee gesprekken met milieuman Wouter van Dieren (van de Club van Rome) en filosoof Joep Dohmen. Beiden zien net als Herman Wijffels het samenkomen van alle crisis (olie, grondstoffen, voedsel, energie, krediet, financiën en klimaat) als hét moment om als samenleving wereldwijd (maar vooral in het Westen) een andere weg in te slaan. Een noodzakelijke, spannende en kansrijke tijd.

Zeer lezenswaardige, belangrijke artikelen. De uitspraken van Joep Dohmen zullen tijdens zijn lezing in maart ongetwijfeld ook aan de orde komen. Maar dan is het wel vijf maanden later. En er kan én zal veel gebeuren in de komende maanden. Ten eerste is de krediet- en financiële crisis nog niet voorbij, een recessie dreigt. Verder zullen de prijzen voor olie, grondstoffen en voedsel de komende tijd blijven fluctueren maar uiteindelijk zullen ze structureel schaars dus duur blijven. Verder wordt hoogstwaarschijnlijk Barack Obama op 4 november gekozen tot president van de Verenigde Staten van Amerika. Kort daarna, of anders in zijn inauguratie-toespraak, zal hij aangeven dat de VS binnen tien jaar onafhankelijk moeten worden van fossiele brandstoffen en dat er een duurzame samenleving moet komen. Dit zal vervolgens regeringen in andere landen doen besluiten om dezelfde kant op te gaan. Een groene samenleving realiseren om de economie vlot te trekken en en passant andere problemen op te lossen (onafhankelijk worden van olie leverende dictators, revitaliseren van kwijnende bedrijfstakken e.d.).

In het interview spreken Van Dieren en Dohmen zich op hun manier, elk vanuit hun eigen achtergrond, in dezelfde richting uit. Joep Dohmen is echter sceptischer als Van Dieren en Wijffels.

Uit dat lange interview enkele citaten die naadloos aansluiten op het thema De latten verleggen en de uitnodigingsbrief die eind maart 2008 werd verstuurd.

In onze consumptiemaatschappij is het not done om je te matigen. Volgens de moraal ‘pakken wat je pakken kúnt want iedereen doet het’, gaat menigeen zich te buiten en bezwijkt voor de verleiding tot zelfverrijking. Het moderne individualisme dreigt te verworden tot narcisme, autisme en grootheidswaan. Zo staat het in mijn recente boek Het leven als kunstwerk.

Wat er nu gaande is, is meer dan een financiële crisis; het is ook een morele crisis. Een crisis die samenvalt met het woekeren van de neoliberale moraal van zelfbeschikking. Er is fundamenteel iets aan de hand met onze identiteit, die erg draait om aandacht er erkenning. De Idols-cultuur. Bij Pauw en Witteman en DWDD zijn alleen helden en kunstenaars welkom; leuke, snelle mensen die flitsend uit hun woorden kunnen komen. Iemand die trager is of onzeker, of die genuanceerd is, heeft er niets te zoeken.

Die cultuur, die mentaliteit van ‘je moet scoren en wel nú’, vind ik gruwelijk. Er is niet alleen veel theater, er is ook veel hebzucht. Het idiote van het huidige liberalisme is dat daar kennelijk een stompzinnige geluksmoraal bij hoort, in termen van bezit en goederen. Dat is toch een ongelooflijk benepen visie op onze kwaliteit van leven.

()

Een nieuwe publieke moraal komt niet zomaar aanwaaien, ook niet in tijden van crisis. Er is een diep conflict tussen autonomie en solidariteit en dat probleem los je niet spontaan op. Aan wie zijn we nog echt loyaal? Dat bestaat uit je vrouw, je kinderen en misschien nog een paar vrienden.

Loyaliteit ten opzichte van de gemeenschap, van onbekende mensen en al helemaal van armoedzaaiers in een ver land: dat bestaat nauwelijks meer. We leven in een individualistische tijd, dús moet een nieuwe publieke moraal ook bij het individu beginnen. Hoe krijgen we het moderne individu meer weerbaar, bescheiden, waarachtig? Hoe kunnen we onze zelfverwerking niet als ‘dikke ikken’ maar in een sociale context gestalte geven? We kunnen niet doorgaan elkaar te blijven overrulen.

Ik pleit voor de introductie van moraal, van levenskunstprogramma’s, te beginnen op scholen, in bedrijven en in allerlei organisaties. Er is een continue gevecht tussen de ouders, de staat en de school. De scholen weigeren een moreel programma te bieden en zeggen: dat moeten ze thuis maar doen, kinderen moeten thuis worden opgevoed. De staat ziet dat het niet goed lukt, en wil achter de voordeur ingrijpen.

In het onderwijs zou een vak als ‘moraal’ moeten worden geïntroduceerd: hoe leren jongeren omgaan met internet, met televisie, met genotsmiddelen, met andere culturen, met hun vrije tijd en vooral: met gezag? Hoe verwerven ze zelfrespect?

In de Klassieke Oudheid bestond er zoiets als een brede cultuur van levenskunst. Te midden van het sociale leven ontwikkelde men een bepaalde eigen levenshouding: via zelfkennis, omgaan met emoties, met tijd, je lichaam. Door toedoen van het christendom, de opkomst van de wetenschap en van het moderne marktdenken zijn we die zelfzorg kwijtgeraakt.

Een nieuwe beweging van filosofen pleit voor een terugkeer, maar dan wel in een moderne vorm. We moeten weer een eigen levenshouding ontwikkelen zodat we de keuzes van elke dag meer verantwoord kunnen maken. En beter kunnen omgaan met de vrijheid van anderen. Misschien is de tijd nu rijp om serieus werk te maken van onze positieve vrijheid.

Ik ben er zeker van dat veel mensen, niet alleen de intellectuele elite, een samenleving willen waarvan ze kunnen zeggen: hierin kan ik een geslaagd leven leiden.

Bron: De Volkskrant van zaterdag 25 oktober 2008 (auteur: Bert Wagendorp)

Filosoof Joep Dohmen over levenskunst

Op zondagmiddag 15 maart 2009 neemt filosoof Joep Dohmen de laatste lezing van dit seizoen voor zijn rekening in de Blikopener Speciaal reeks ‘De latten verleggen’. Deze lezing wordt georganiseerd door BasisBibliotheek Maasland in samenwerking met Brabants Dagblad en Groene Engel, en vindt plaats in de Groene Engel, van twee tot vier uur. Aansluitend is er in het café gelegenheid tot napraten.

Joep Dohmen (1949) is hoogleraar Wijsgerige en Praktijkgerichte Ethiek aan de Universiteit voor Humanistiek in Utrecht. Hij heeft zich de laatste tien jaar gespecialiseerd in ‘levenskunst’. In 2007 schreef hij het boek Tegen de onverschilligheid. Pleidooi voor een moderne levenskunst en in 2008 verscheen, ter gelegenheid van de Maand van de Filosofie, zijn boek Het leven als kunstwerk.

Volgens Dohmen is de echte agenda voor de komende jaren: hoe geven wij onze vrijheid vorm? De neoliberale gedachte ‘greed is good’ wankelt, de economie behoeft – en is nu bezig met – een diepe zelfcorrectie. Er moet een rem komen op de ongebreidelde hebzucht van de financiële elite, maar tegelijkertijd zal niemand van ons willen dat zijn persoonlijke vrijheid beknot wordt. Dohmen pleit voor de introductie van levenskunstprogramma’s, te beginnen op scholen, bedrijven en in allerlei organisaties. In het onderwijs zou een vak als ‘moraal’ moeten worden geïntroduceerd: hoe leren jongeren omgaan met internet, met televisie, met genotsmiddelen, met andere culturen, met hun vrije tijd en vooral: met gezag?

Op 15 februari was de filosoof Ad Verbrugge te gast in deze Blikopener reeks. Hij bracht zijn analyses voor een uitverkochte zaal. Joep Dohmen komt deze middag met zijn visie. Als toehoorder zal het interessant zijn om beide visies naast elkaar te leggen en te proberen daaruit  conclusies te trekken

(Oss, dinsdag 3 maart 2009)

Hoogste tijd voor levenskunst

We leven er maar wat op los, onverschillig en oppervlakkig. “We menen dat we alles moeten hebben, maar intussen missen we wat echt belangrijk is”, zegt de in Tilburg geboren filosoof Joep Dohmen. Wat we nodig hebben is levenskunst.

Zo begint het interview dat op kerstavond 2008 verscheen in het Brabants Dagblad. Auteur Twan van Lierop reisde naar Utrecht af en sprak met de filosoof die op zondag 15 maart 2009 de zesde en laatste lezing zal verzorgen in de 5e Blikopener speciaal reeks De latten verleggen. Normaliter spreekt Twan van Lierop enkele weken voor de lezing. De redactie van het Brabants Dagblad heeft echter gemeend juist deze man in de speciale kerstbijlage te moeten opnemen. En daar valt niets tegen in te brengen.

Joep Dohmen was er benieuwd naar hoe jongeren tegenwoordig omgaan met de tijd. Om die reden gaf de hoogleraar zijn studenten de opdracht om een beschrijving van een willekeurige dag in hun leven. Hun opstellen bevestigden wat hij al vreesde: ook bij de jonge generatie ontbreekt het aan levenskunst.

“Ik was stomverbaasd over de resultaten”, vertelt hij. “Hun leven zit bom- en bomvol. Ze vinden alles even belangrijk. rennen overal achteraan en blijven maar doorrennen, omdat ze ontzettend bang zijn ook maar iets te missen. Ondertussen zijn ze helemaal niet tevreden met hun drukke leven. Als je vraagt wat ze echt van waarde vinden, lijkt het in de eerste plaats te gaan om liefde en vriendschap, maar ja, ook daar hebben ze te weinig tijd en aandacht voor. Die levenshouding bewijst dat ze een slechte smaak hebben. Ze denken dat ze vrij zijn om keuzes te maken in hun leven maar in feite zijn ze slaaf van onze tijdgeest. Ze zijn niet in staat een rangorde aan te brengen in de dingen die ze belangrijk vinden.”

Joep Dohmen ziet die onmacht en sluimerende onvrede overal om zich heen. “het is een houding die tekenend is voor onze cultuur”, zegt hij. “De consumptiemaatschappij jaagt mensen op en leidt tot een vorm van indigestie. Er woekert onrust. mensen menen dat ze alles moeten hebben, maar intussen missen ze wat echt belangrijk is. “

Het is hoog tijd voor levenskunst, meent Joep Dohmen. De oud-Tilburger en hoogleraar ethiek aan de Universiteit voor Humanistiek in Utrecht houdt zich al tien jaar intensief met het onderwerp bezig. Hij verdiepte zich in de geschiedenis en onderzocht wat grote denkers hebben verkondigd over ‘het goede leven’. Dat leidde tot een bloemlezing over levenskunst, vorig jaar gevolgd door zijn eigen pleidooi voor een moderne levenskunst. Voor dat standaardwerk koos hij de titel ‘Tegen de onverschilligheid’.  Niet om te wijzen op onze onverschilligheid jegens onze medemens en de wereld, maar met name op onze onverschilligheid jegens onszélf en ons eigen leven. We leven er immers maar wat op los, oppervlakkig en zonder diepgang, en staan er nauwelijks nog bij stil wat het leven is en wat we ervan kunnen en zouden moeten maken.

Ogenschijnlijk zijn de meeste mensen heel tevreden met hun bestaan, zo wees een onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau dit voorjaar nog uit. ‘Een grote meerderheid (82 procent) van de Nederlanders beschouwt zichzelf als een gelukkig mens’, meldde het bureau. Joep Dohmen heeft daar zijn bedenkingen bij. “is het echt waar dat mensen vinden dat het zo goed gaat met hun leven?”, werpt hij tegen. “Ik zou hen willen vragen: Hoe ziet je geluk er dan uit? Is dat je eigen geluk of een door de consumptiemaatschappij aangepraat geluk? Wat presteer je werkelijk in je leven? Hoe ben je als vader? Hoe ben je als collega? Hoe ga je om met tegenslag? Dan blijkt pas echt wat hun leven waard is.”

“Er bestaat veel zelfgenoegzaamheid: als het mij maar goed gaat. Als ik maar voldoende verdien, een mooi huis heb en drie keer per jaar op vakantie kan. je zou je ter controle van de echte kwaliteit van je leven eens meer de vraag moeten voorhouden: wat zou het betekenen als ik morgen te horen krijg dat ik ontslagen word of kanker heb? Het leven gaat voorbij voordat je het weet. De zakenman die zich voorneemt om later meer tijd aan vrouw en kinderen te besteden, beseft niet dat het dan te laat is odat zjn gezin dan allang vervreemd van hem is geraakt. Daarom zeg ik: maak er nu iets van, breng een rangorde aan.”

 Levenskunst kan volgens Dohmen helpen de juiste keuzes te maken. “Levenskunst probeert antwoord te geven op de vraag: hoe moet ik leven?”, legt hij uit. “Levenskunst is een soort ethiek, een individuele moraal over hoe we ons leven vorm moeten geven. Het gaat om een kunst, maar niet in dezelfde zin als schilderkunst of beeldhouwkunst. Het verschil is dat je niet een schilderij of een beeld vormgeeft, maar jezelf. Levenskunst is zelfexpressie, jezelf op het spoor komen en jezelf uitdrukken. Het gaat er om te worden wie je bent.”

 Met egoïsme heeft levenskunst niets te maken, benadrukt hij. “Als we ons in de levenskunst op onszelf richten, is dat niet om zelfgenoegzaam te worden maar om die zelfgenoegzaamheid te overstijgen. Naarmate je meer aan jezelf werkt, word je een betere vader of moeder, een beter mens, een betere burger. Het gaat in levenskunst dus niet alleen om individualisme maar ook om burgerschap.”

Levenskunst begint met zelfonderzoek en zelfkennis, zegt Dohmen. “Wat je concreet moet doen, is afhankelijk van de vraag wie je bent. Je zou kunnen beginnen door een gesprek met jezelf te voeren of eens met vrienden te praten over je leven. Vraag jezelf af hoe je er in het leven voorstaat. Het kan zijn dat je vindt dat je leven te vol zit. Misschien kun je dan overwegen ergens afstand van te doen, hoe moeilijk dat tegenwoordig ook is. De Duitse filosoof Schopenhauer (1788-1860) wist het al: wat is er in het leven toch veel te koop dat we eigenlijk helemaal niet nodig hebben.”

Het gaat Dohmen niet om de ‘populaire levenskunst’ waarmee de boekhandels de laatste jaren vol liggen. Hij ziet geen enkel heil in cursussen positief denken, om de eenvoudige reden dat optimisme ons niet beschermt tegen tegenslag. Geluk is geen keuze, vindt Dohmen, maar bovenal een kwestie van geluk hebben. Ook lifestyle heeft volgens hem niets met levenskunst te maken, omdat het goede leven niet gelijk staat aan modieus consumeren, trendy spulletjes, de schone schijn en goedkoop succes. Het wil er bij Dohmen evenmin in dat levenskunst bij uitstek neerkomt op genieten, zoals de consumptiemaatschappij ons als norm oplegt.

Genieten hoort er zeker bij, maar genot is niet hetzelfde als geluk en zeker geen hoofdbestanddeel van het goede leven. In levenskunst gaat het om iets heel anders. “Het doel is niet om gelukkig te worden, eerder om een zinvol leven te leiden”, zegt Dohmen. “Je kunt hooguit leren om niet ongelukkig te worden, maar geluk is vooral een bijproduct. Echt gelukkig zijn is slechts voorbehouden aan weinig mensen en aan weinig momenten. Bovendien wordt geluk in onze tijd te veel verbonden met consumptie en ‘je lekker voelen’. In het goede leven gaat het niet om geluk, maar om liefde, vriendschap, zorg voor elkaar, waardering, rechtvaardigheid en erkenning. In die context moet je proberen jezelf uit te drukken.”

Ook moeten we beseffen dat het leven slechts ten dele maakbaar is en dat onze invloed beperkt is. “Iedereen is al voorgevormd”, zegt Dohmen. “Je bent man of vrouw, jong of oud, gezond of ziek. We zijn een product van een bepaalde opvoeding, omgeving en tijd, de cultuur waarin w eleven. Mensen denken dat ze vrij en autonoom zijn, maar zijn gebonden aan allerlei structuren. Eigenlijk zou levenskunst al op school onderwezen moeten worden. We zijn niet vanzelf vrij, dat vergt reflectie en oefening. In onze tijd komt vrijheid hoofdzakelijk neer op zelfbeschikking: ‘Bemoei je niet met mij’. Veel belangrijke ris of we onze vrijheid benutten om ons werkelijk om onszelf te bekommeren en op een goede manier te leven.”

Dohmen haalt met instemming de Griekse filosoof Epictetus (van 55 tot ca. 125 na Christus) aan. “Je kunst niets doen aan je dood, maar wel hoe je daar tegenover staat, zei hij. Het is de kunst om te leren omgaan met tegenslag en bovendien proberen je eigen vorm van leven te vinden. Te veel mensen leven onverschillig en zonder bezieling. De kwaliteit van het leven kan stukken beter.”

Hij heeft zijn laatste boek over levenskunst opgedragen aan zijn moeder. Hij noemt haar ‘een volharder’, een van de types levenskunstenaar die hij onderscheidt. Over zijn eigen prestaties is Joep Dohmen bescheiden. “IK ben een worstelaar, een beginner. Waarschijnlijk vind ik levenskunst juist daarom zo interessant omdat ik zelf het leven moeilijk vind en een uitweg zoek. Levenskunst zorgt er niet voor dat je opeens een fantastische, verheven persoon wordt, maar kan je wel helpen te leren omgaan met je beperkingen, je fouten en vergissingen. Het gaat uiteindelijk om een levenshouding, waarbij je voorbij het cynisme en de vermoeidheid komt. Levenskunst moet vooral inspirerend en vitaal zijn.”

Bron: Brabants Dagblad van zaterdag 24 december 2008  
Auteur: Twan van Lierop

Universiteit voor Humanistiek – Een zinvolle studie

Joep Dohmen doceert hier. Een kleine universiteit in Utrecht die twintig jaar bestaat. Op woensdag 28 januari 2009 stond een portret in De Volkskrant. De rector (Hans Alma) zegt daarin het volgende:

Want met de nadruk op het immateriële is het humanisme helemaal van deze tijd, denkt de rector. ‘Er is steeds meer aandacht voor zingeving. Als een reactie op het sterke materialisme en het wegvallen van allerlei vertrouwde kaders als de kerken zijn mensen op zoek naar een antwoord op de vraag: wat is voor mij een zinvol leven? Als je ziet hoeveel hoop er loskomt met de nieuwe president Obama, dat is iets ongrijpbaars. mensen willen in een wereld leven waar ze voelen dat er iets van waarde aanwezig is.’

Bovendien liggen door de kredietcrisis hebzucht en ijdelheid onder vuur, zegt Alma. ‘Wij hebben geen oplossing voor mensen die alles kwijt zijn. Wij kunnen nadenken over wat echt belangrijk is in het leven. Dat er bewuster wordt omgegaan met het milieu en dat de rijkdom  beter wordt verdeeld, in plaats van meegaan in de stroom van steeds meer consumeren.’

Klik hier voor de website van de UvH

Bron: De Volkskrant van woensdag 28 januari 2009
(Artikel: Een zinvolle studie – auteur: Charlotte Huisman)

(woensdag 29 oktober 2008)

Homepage De latten verleggen

Door Hans van Duijnhoven

Bibliothecaris sinds september 1979. Werkzaam in de regio Noord Oost Brabant.

Geef een reactie